Multimedia > Op de Hoogte > De toren van top tot teen
| « Meer functies van de Toren |
De toren van top tot teen (1)
(Het Stadsblad 24 juni 2009)
|
De Bredase toren is gebouwd op een stevige zandplaat. De Grote Markt is daar de top van met een kleine 4 meter boven NAP. Hoog genoeg voor droge voeten aan de brede Aa. Originele bouwtekeningen van de toren zijn niet teruggevonden. In de middeleeuwen diende vaak een elders met succes gebouwde toren als voorbeeld. Dat model werd dan naar wensen en omstandigheden aangepast. Mogelijk was de beroemde Mechelse architectenfamilie Keldermans bij het bouwontwerp betrokken. De toren is aan de westzijde van de kerk gebouwd. Dat was gebruikelijk vroeger. Symbolisch stond de westkant bij kerken voor de materiële wereld. De juiste plaats voor een stadstoren. De stad blijkt ook grotendeels de bouw te hebben gefinancierd. Niveau –1: souterrain. De fundering van de toren ligt ruim 3 meter diep. De overlevering wil dat vroeger koeien- of ossenhuiden onder torenfundamenten werden gelegd. Als ritueel? Voor de stevigheid? Als ‘bouwplastic’ tegen grondwater? Het is niet zeker dat er ook onder de Bredase toren zo’n vaste vloerbedekking ligt. Mogelijk werd als onderlaag bouwmateriaal van de in 1457 ingestorte voorganger gebruikt. Hoe dan ook, de toren stond op goede grond en bleef recht overeind. Het grondoppervlak is ± 12½ meter in het vierkant. Dat is gering voor een toren van bijna 100 meter. De meeste torens met zo’n basisomvang reiken niet hoger dan ± 70 meter. Was de plek te krap voor een breed draagvlak? Of stegen met de bouw de ambities? Kort na de Tweede Wereldoorlog bleek het hoognodig de torenbasis grondig te verstevigen. Dat gebeurde met beton. Geen schande voor een toren die zich eeuwenlang zelf staande hield. Op 16 juni 1468 legde de Bredase drossaard Adam van Nispen de eerste torensteen, ‘op welcke hij gaut ende silver voeghde met devotie’. Wel boffen als geluksmuntjes zó lang hun best doen. |
De toren van top tot teen (2)
(Het Stadsblad 1 juli 2009)
|
-Begane grond- Het ingangsportaal met de grote deuren; de vroegere hoofdingang. De ondersteunende boogstructuur rond de pilaren zorgt voor een mooie open verbinding met de kerk. Boven in het portaal een stergewelf met een rond hijsluik. -Eerste etage: toren- of orgelkamer- Traptrede 73. Deze kamer, niet toegankelijk voor het publiek, fungeert als opslagruimte voor de kerk. Een goederenliftje naast het torenportaal helpt zonodig een handje. Sfeervol licht komt van een gotisch raam. Een deur geeft toegang tot het ‘achterwerk’ van het orgel, dat in de kerk tegen de torenmuur leunt. Verder veel stenen ornamenten, geveld in de slijtageslag met de tand des tijds. Als wachters twee oude orgelbeelden waar nog best muziek in zit. De torenmuren zijn hier ± 1½ meter dik. Restanten van ijzeren trekstangen uit de 19e eeuw steken uit de muur. De toren overleefde de eeuwen als door een wonder met gebrekkige steunberen. Dat kon niet goed blijven gaan. Aan de gevel in de Torenstraat zie je de enorme schroeven en bouten nog van de reddende ingreep. -Tweede etage: schacht- of sprinklerruimte- Traptrede 129. Eerste omloop. Een hoge ruimte zonder ramen, met houten steunbalken; niet voor het publiek toegankelijk. Hier staat de sprinklerinstallatie van toren en kerk, omringd door oude houten en stenen ornamenten. Vroeger waren er meerdere zolders in deze schacht. Ooit luidde men van hier de klokken. Boven en onder een hijsluik. De muren tonen de ware kern van de toren: baksteen. Alleen de buitenkant heeft die mooie roomwitte kalkzandsteen uit het Belgische Gobertange. Veel Brabantsgotische monumenten zijn daarmee bekleed. Verder geklommen passeren we de nok van het kerkdak. Vanaf dit punt is de toren formeel van de gemeente. De trapleuning maakt hier plaats voor een touw. Het stedelijk budget te krap? Nee, het trapgat. |
De toren van top tot teen (3)
(Het Stadsblad 8 juli 2009)
|
Via een gangetje met een ijzeren hek bereiken we de -Derde etage: ruimte grote klok- Traptrede 214. 2e Omloop. Toegankelijk voor publiek tijdens rondleidingen. De Grote Bom of Nassauklok, ± 3700 kg, slaat op het hele uur en kan handmatig worden geluid. Ooit hingen hier méér luidklokken, waaronder de klokke Roelant, 10.000 pond. Boven een bakstenen gewelf met een hijsluik. Daaronder twee betonnen steunstructuren; de nieuwe heupen van de toren. De schuine borden in de galmgaten, tegen weer en wind, geleiden ook het klokgelui naar beneden. Stevig gaas ervoor, vogelproef. De muren zijn hier ruim 1 m dik. De wenteltrap wordt smaller. –Vierde etage: torenwachterskamer- Traptrede 287. 3e Omloop. Toegankelijk voor publiek tijdens rondleidingen. De vierkante onderbouw, symbool van de aarde, gaat over in een achtkant; teken van vernieuwing en volkomenheid. Vroeger was dit het woon- en slaapverblijf van de torenwachters. Hoeders van de stad, 7 x 24 uur, totdat elektriciteit en telefoon hun functie overbodig maakten, eind 19e eeuw. Hier staat ook het automatisch speelwerk voor de kwartiermelodietjes van het carillon. Door het gat van het vloerluik hingen ooit de gewichten van het uurwerk uit 1695; bakken met stenen. Twee deurtjes leiden naar de buitenomloop met uitzicht. Toegankelijk voor publiek tijdens rondleidingen. We zijn intussen de 50 meter ruim gepasseerd; over de helft van de toren dus. –Vijfde etage: de beiaardruimte- Traptrede 309. Niet toegankelijk voor publiek, tenzij na afspraak met de beiaardier. Grote galmgaten hier, afgeschermd met vogelgaas. De 48 carillonklokken zijn samen met de Grote Bom goed voor ± 15.000 kg heavy metal. De speelcabine, traptrede 324, hangt tussen het carillon achter de wijzerplaten van het uurwerk. Vroeger had iedere stad zijn eigen tijd. Met de spoorwegen kwam er een landelijke eenheidstijd die alle klokken gelijkzette. Maar voorlopers en achterblijvers hou je toch. Ook bij torenbeklimmingen. |
De toren van top tot teen (4)
(Het Stadsblad 15 juli 2009)
|
De steeds nauwer wordende wenteltrap leidt naar een dubbel hek dat toegang geeft tot de -Zesde etage: het begin van de spits- Traptrede 365. 4e Omloop. Een overgangsruimte. Vloer en onderkant van de wanden zijn van steen, ± ½ m dik. Daarboven begint een interessante houten balkenconstructie die in totaal 5 verdiepingen beslaat. De hoogste zolders van de stad. Niet toegankelijk voor publiek. Vanaf hier alleen nog ladders. –Zevende t/m de tiende etage: zolders- Op de tweede zolder staat een oude lier. Hier en op de derde zolder zijn de roodwitte luiken. Op de vierde zolder, in de bol van de spits, staan de vlaggenmasten geparkeerd als er boven niets te wapperen valt. Op de vijfde zolder hangt een voorraad kleurige vlaggen. Een ijzeren trapje gaat naar een zolderluik, waarmee je buiten bovenop de toren komt. –Elfde etage: de groene lantaarn- Traptrede 433. Niet toegankelijk voor publiek. Aan alle kanten lucht en stad. Het hoogste balkon van Breda heeft een sierlijke balustrade. Alleen vogels kunnen nog hoger, zoals de haan, de topper van de toren. Boven het koepeltje en het kruis staat hij op eenzame hoogte, ruim 97 meter. Waarschijnlijk was er in Breda ooit een opengewerkte stenen torenspits gepland, zoals in Antwerpen. De toren kon dat gewicht kennelijk niet aan. Er kwam een houten variant; een grote bol met gotische ornamenten (1509). Die brandde af in 1694. De huidige spits (1702), uit de nadagen van het Hollands Classicisme, werd soberder. De twee stijlen van de toren lijken wel ingebakken in de Bredase cultuur: een Brabantse taart met een laagje Hollandse room. Over gebak gesproken: de verjaardag van de toren! Dat hoogfeest vieren we op 19 juli in een huiskamer aan de voet van de toren. De jarige is familie van ons, dus proficiat allemaal! En de toren, hij leve hoog!
|
Bronnen (De toren van top tot teen)
Beschrijving der Stadt en Lande van Breda; Thomas, E. van Goor, uitgeverij J. van den Kieboom ’s Gravenhage 1744/ Algemene Boekencentrale Den Haag.
Bouwkundige Termen, verklarend woordenboek van de Westerse architectuur- en bouwhistorie; E.J. Haslinghuis en H. Janse, uitgevrij Primaverapers Leiden, 2005.
Breda, stad van borderlords en baronnen; Leo Nierse/BN/De Stem, Vèrse Hoeven uitgeverij, Raamsdonksveer, 2003.
De Grote of Onze Lieve Vrouwekerk te Breda (Aantekeningen over de bouwgeschiedenis); J.M.F. IJsseling; Jaarboek De Oranjeboom 21 (1968)
Christelijke Symbolen van A tot Z; Alfred C. Bronswijk, uitgeverij Boekencentrum, Zoetermeer, 2006.
Documentatie Gilde De Baronie (t.b.v. stadsgidsen)
De Dom het hoog(s)tepunt van Utrecht; Sanne de Roy, RonDom Poort tot Utrechts Cultuurhistorie, Utrecht 2009
Encyclopedie van Tekens & Symbolen; Mark O’Connell en Raje Airey, Veltman Uitgevers Utrecht, 2007.
Folklore en volkswijsheden in Nederland en Vlaanderen; K. ter Laan, Uitgeverij Het Spectrum/Prisma Utrecht, 2005.
De Geschiedenis van Breda. I De Middeleeuwen: M.A. van Nieuwkerk en Dr. E. J. Haslinghuis, uitgeverij Interboog International B.V., Schiedam, 1952/1976.
Het Heilig Sacrament van mirakel van de Niervaart en de bouw van de Bredase Toren; P.Scherft, Jaarboek De Oranjeboom 9 (1956)
Hoogtevrees en Diep Verlangen (een boek over torens in Breda); H. van Maaskant de Bruijn, J. de Valk e.a.; uitgevers: Heja Projectontwikkeling BV en Drukkerij Em. De Jong BV, 2002
Maassen Jacques, stadsbeiaardier Breda
Massop, B.G.H.; directeur BBM Restauratiearchitectuur BV, directievoering en toezicht, bouwkundige adviezen, Raamsdonksveer.
De monumenten van Geschiedenis en Kunst in de Provincie Noord-Brabant/ Deel I, de monumenten in de Voormalige Baronie van Breda; Jan Kalf, uitgeverij Gijsbers en van Loon Arnhem, 1911 (herdruk 1973)
Muziek uit de toren; Jacques Maassen, Gemeente Breda.
De Onze-Lieve-Vrouwekerk en de Grafkapel voor Oranje-Nassau te Breda; G.W.C. van Wezel e.a., Waanders Uitgevers, Zwolle/Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist, 2002.
Otten, Gerard; Bureau Erfgoed, gemeente Breda
De Restauraties van kerk en toren van Breda; J.M.F. Ijsseling, Jaarboek De Oranjeboom 21 (1968)
Siebers, Laurens: ex-beheerder Grote of Onze Lieve Vrouwkerk Breda
Het Stadserf te Breda; Gerard Otten, Erfgoedrapport 11 gemeente Breda, 2008
500 Jaar Toren, Leo Nierse en Edine Wijnands; BN/De Stem Breda, 2009
Websites:
- Amersfoort, Onze Lieve Vrouwetoren (wikipedia)
- Antwerpen, Onze Lieve Vrouwetoren (www.antwerpenanders.be)
- Delft, Toren van de Nieuwe Kerk Delft (www.delftrondleidingen.nl)
- Idem (www.prinsenstad.info/nieuwe_kerk.htm)
- Dordrecht, de geschiedenis van de toren (www.grotekerk-dordrecht.nl)
- Groningen, Martinitoren (wikipedia)
- Idem (www.martinistad.net)
- Mechelen, de Sint Romboutstoren (www.sintromboutstoren.be)
- Zierikzee, Sint Lievensmonstertoren (www.zierikzee-monumentenstad.nl)


